OVERGANGSNORMEN - zie pagina 14 t/m 15 uit de schoolgids

Over cijfers moet duidelijkheid bestaan. Spieringshoek neemt daarom de overgangsnormen en de landelijk vastgestelde examennormen op in de schoolgids.

Daarnaast hanteren wij de volgende uitgangspunten:

  • Ouders krijgen inzicht in de cijfers van hun zoon of dochter via de website en een inlogcode;
  • Het schooljaar is in drie trimesters verdeeld (zie het jaarrooster);
  • We hanteren het hele schooljaar het systeem van het voortschrijdend gemiddelde;
  • De rapporten bestaan uit cijfers die afgerond zijn op een decimaal;
  • Een cijfer 5 op het eindrapport levert 1 tekortpunt op, een vier 2 tekortpunten, etc.;
  • Er mag geen 0,0 (nog in te halen toets of opdracht) op het cijferoverzicht van de leerling staan;
  • Het overgangsrapport bestaat uit de eindcijfers die afgerond zijn op één decimaal en die het resultaat zijn van het voortschrijdend gemiddeld bij de afzonderlijke vakken;
  • De rapportcijfers bij de overgang worden niet aan de leerlingen en ouders meegedeeld voordat de overgangsvergadering van docenten heeft plaatsgevonden;
  • Uitgangspunt bij de overgang vormen de zogenaamde overgangsnormen. De overgangsnorm geeft een drempel weer. Door deze norm te halen, toont de leerling aan dat hij over voldoende kennis en vaardigheden beschikt om het volgend schooljaar goed verder te kunnen met het onderwijsprogramma. Deze leerling wordt dan automatisch bevorderd naar het volgend leerjaar. Indien de leerling de overgangsnorm haalt, maar een andere leerweg wil volgen, is hiervoor toestemming nodig van de afdelingsleider;
  • Als een leerling de overgangsnorm niet haalt, dan beslist de overgangsvergadering welke leerweg de leerling het volgend schooljaar mag bewandelen. In deze beslissing worden alle beschikbare gegevens over de leerling meegewogen. Het is belangrijk dat bijzondere omstandigheden die in het leven van de leerling spelen of gespeeld hebben, die de leervoortgang ernstig belemmeren of belemmerd hebben, via de mentor aan de afdelingsleider bekend gemaakt worden in de overgangsvergadering;
  • Als de leerling buiten de norm om bevorderd wordt, bepaalt de overgangsvergadering onder welke voorwaarden dat geschiedt;
  • Een schooljaar doubleren mag dus alleen indien de overgangsvergadering dat toestaat;
  • Het is op onze school niet toegestaan eenzelfde leerjaar gedurende meer dan twee schooljaren te volgen (dubbel doubleren). Ook staat de school niet toe dat een leerling het onderwijs in twee opeenvolgende leerjaren meer dan drie schooljaren volgt. Deze regeling geldt ook wanneer een leerling op een andere school reeds doubleerde;
  • Afgewezen examenkandidaten hebben het recht het examenjaar over te doen, tenzij de docentenvergadering anders beslist;
  • In gevallen waarin deze overgangsbepalingen niet voorzien of tot ongewenste effecten leiden, beslist de rector/bestuurder.

Overgangsnorm onderbouw

Een leerling wordt naar het volgende schooljaar binnen hetzelfde niveau bevorderd indien hij:

1. gemiddeld voor alle vakken 6,0 of hoger staat;
2. maximaal 3,0 punten tekort heeft, waarvan niet meer dan 1,5 punten tekort bij de vakken Nederlands, Engels en wiskunde;
3. In maximaal 3 vakken onder een 5,5 heeft gescoord.

Aanvullende specifieke groepen
4. een leerling op het gymnasium dient voor minimaal één van de klassieke talen een 6,0 te hebben gehaald;
5. voor leerlingen in het derde leerjaar gelden t.a.v. hun profiel- en vakkeuze de volgende minimale eisen:
a. zij mogen op hun eindlijst in maximaal één vak in het profiel minimaal een 5,0 staan;
b. kiezen zij een NT-profiel, dan moeten zij voor wiskunde en scheikunde op hun eindrapport elke minimaal een 6,5 staan;
c. kiezen zij een NG-profiel met wiskunde B, dan dienen zij op hun eindrapport voor scheikunde minimaal een 6,5 en voor wiskunde minimaal een 6,0 te staan;
d. kiezen zij een NG-profiel met wiskunde A, dan dienen zij op hun eindrapport voor scheikunde minimaal een 6,5 en voor wiskunde minimaal een 6,0 te staan;
e. kiezen zij een EM-profiel met wiskunde B, dan dienen zij op hun eindrapport voor wiskunde minimaal een 6,5 te staan.

Indien deze eisen tot problemen leiden, beslist de overgangsvergadering over de profielkeuze. 
 

Overgangsnorm bovenbouw

In de bovenbouw wordt de slaag-/zakregeling als bevorderingsregeling gehanteerd.

Een leerling is bevorderd als:

  • alle eindcijfers 6 of hoger zijn;
  • één keer een 5 en verder alle eindcijfers 6 of hoger zijn;
  • één keer een 4 en verder alle eindcijfers 6 of hoger zijn, waarbij het gemiddelde van alle eindcijfers tenminste een 6.0 bedraagt; hierbij geldt dat de 4 niet is behaald voor Nederlands, Engels of wiskunde;
  • rekenen telt mee in de bevorderingsregeling (zie PTA);
  • tweemaal een 5 en verder alle eindcijfers 6 of hoger zijn, waarbij het gemiddelde van alle cijfers tenminste 6.0 bedraagt, hierbij geldt dat maximaal 1x een 5 is behaald voor de kernvakken Nederlands, Engels of wiskunde;
  • één keer een 4, één keer een 5 en verder alle eindcijfers 6 of hoger zijn, waarbij het gemiddelde van alle eindcijfers  tenminste 6.0 bedraagt, hierbij geldt dat de 4 niet is behaald voor de kernvakken Nederlands, Engels of wiskunde;
  • voor 4 vwo en 4 havo geldt dat maatschappijleer, levensbeschouwing en CKV worden samengevoegd tot één cijfer dat meetelt bij de overgang;
  • in de bovenbouw wordt het eindcijfer afgerond op twee decimalen. Vervolgens wordt het afgerond op hele eindcijfers;
  • Let op: het eindrapportcijfer op 1 decimaal in het voorexamenjaar is tevens het cijfer voor schoolexamen 1 en is niet herkansbaar.

Voor de eindexamenklassen geldt dat:

  • de cijfers van maatschappijleer, levensbeschouwing en het profielwerkstuk worden bij elkaar gevoegd tot een eindcijfer (cominatiecijfer). Het combinatiecijfer wordt gevormd door het gemiddelde van de afgeronde cijfers. Alle onderdelen moeten minimaal met een 4 worden gewaardeerd;
  • in alle gevallen moeten oriëntatie op vervolgonderwijs, levenbeschouwing, ckv en lichamelijke opvoeding beoordeeld zijn als voldoende of goed;
  • het gemiddelde cijfer voor het Centraal Schriftelijk Examen minimaal 5,5 moet bedragen;
  • voor het CSE mag voor wiskunde, Engels en Nederlands maximaal één 5 mag staan. Volgens de wet- en regelgeving telt rekenen op het vwo mee binnen de kernvakkenregeling. Voor de havo geldt dat we in afwachting zijn van de nieuwe besluitvorming omtrent dit vak.

Gezakt voor het eindexamen?

Als je gezakt bent voor het eindexamen, heb je op de dag nadat de uitslag bekend is gemaakt een gesprek (samen met je ouders) met de afdelingsleider. In dat gesprek staat je studie in het komend schooljaar centraal.

Cum laude geslaagd

Voor het vwo komt het neer op een gemiddelde van minimaal 8,0. Geen eindcijfer mag lager zijn dan een 7, ook het combinatiecijfer niet. De rekentoets telt ook mee voor cum laude. Voor havo moet het gemiddelde  minimaal 8,0 zijn. Geen eindcijfer mag lager dan een 6 zijn, ook het combinatiecijfer niet.

Slagingspercentages

  

Schooljaar                    

havo         

vwo         

2007 - 2008  81% 83%
2008 - 2009 83% 92%
2009 - 2010 89% 91%
2010 - 2011 83% 78%
2011 - 2012 85% 83%
2012 -2013 79% 90%
2013-2014 85% 76%
2014-2015 79% 93%
2015-2016 77% 81%
2016-2017 85% 82%

 

Agenda
zaterdag, 25 november
zondag, 26 november
maandag, 27 november
Rapportvergaderingen - 40 minutenrooster
dinsdag, 28 november
Rapportvergaderingen - 40 minutenrooster
19.00 u - Algemene ouderavond. Thema: Gewoonten en Verslaving
woensdag, 29 november
Rapportvergaderingen - 40 minutenrooster
donderdag, 30 november
Rapportvergaderingen - 40 minutenrooster
vrijdag, 01 december
Rapportvergaderingen - 40 minutenrooster

 

Fotoalbum
Naar de fotoalbums